Wat is een normale bloeddruk en wanneer moet je je zorgen maken?

5 mins read
Senior die thuis de bloeddruk meet met een bloeddrukmeter om de bovenarm

138 over 85. De verpleegkundige noemt de cijfers, schrijft ze op en loopt alweer door naar de volgende patiënt. Je knikt, maar thuis weet je eigenlijk nog steeds niet of je je zorgen moet maken. Voor veel senioren is dat een herkenbaar moment. Zeker als je bloeddrukwaarden net iets afwijken van wat je eerder hoorde, of als je merkt dat de grenswaarden die je arts noemt niet overeenkomen met wat je online tegenkomt. Wij van Seniorenmagazine.nl krijgen hier regelmatig vragen over, en dat is begrijpelijk: bloeddruk wordt misschien wel vaker gemeten dan welke andere waarde dan ook, maar de uitleg daarbij schiet er vaak bij in. In dit artikel leggen we uit wat de cijfers betekenen, welke waarden voor senioren als normaal worden beschouwd, en wanneer het tijd is om wél in actie te komen.

Wat betekenen die twee getallen eigenlijk?

Je bloeddruk wordt altijd uitgedrukt in twee getallen, gescheiden door een schuine streep. Het bovenste getal heet de systolische druk: dat is de druk in je bloedvaten op het moment dat je hart samentrekt en bloed wegpompt. Het onderste getal is de diastolische druk: de druk terwijl je hart ontspant en zich vult voor de volgende slag. Beide worden gemeten in millimeter kwik, afgekort als mmHg.

Een bloeddruk van 120/80 mmHg wordt al decennialang gezien als het schoolvoorbeeld van een goede waarde. Maar dat is geen harde grens. De werkelijkheid is wat genuanceerder, zeker naarmate je ouder wordt.

Welke waarden gelden als normaal, en voor wie precies?

Voor volwassenen hanteert de huisartsenpraktijk globaal de volgende indeling:

  • Optimaal: lager dan 120/80 mmHg
  • Normaal: 120 tot 129 over 80 tot 84 mmHg
  • Hoog-normaal: 130 tot 139 over 85 tot 89 mmHg
  • Hoge bloeddruk (graad 1): 140 tot 159 over 90 tot 99 mmHg
  • Hoge bloeddruk (graad 2 en hoger): 160 of meer over 100 of meer mmHg

Belangrijk om te weten: deze getallen zijn gemiddelden voor een algemene volwassen bevolking. Iemand met diabetes of een nieraandoening krijgt vaak een strenger streefgetal mee van de arts, omdat die organen gevoeliger zijn voor de gevolgen van een verhoogde druk.

Hoe verandert een normale bloeddruk met de leeftijd?

Met het ouder worden worden de slagaders geleidelijk stijver. Dat is een normaal biologisch proces, maar het heeft wel gevolgen voor de bloeddruk: het bovenste getal stijgt vaak iets. Bij mensen boven de 65 jaar zien we daardoor vaker een wat hogere systolische druk terwijl de diastolische druk juist gelijk blijft of zelfs licht daalt.

Wij van Seniorenmagazine.nl merken dat dit veel verwarring geeft. Ouderen vragen ons regelmatig of hun bloeddruk van 145/78 nu gevaarlijk is of juist acceptabel. Het antwoord hangt af van de persoon. Voor gezonde 70-plussers hanteren veel artsen een iets ruimer streefgetal dan voor jongere patiënten, zeker als er ook sprake is van duizeligheid bij een te lage druk. Bespreek je eigen streefwaarde altijd met je huisarts, want één getal past niet iedereen.

Wanneer is een hoge bloeddruk reden tot zorg, en wanneer niet?

Eén enkele hoge meting betekent nog niet dat je bloeddrukprobleem hebt. Bloeddruk varieert van minuut tot minuut. Stress, haast, een volle blaas of zelfs de witte jas van de dokter kan de meting tijdelijk omhoogdrijven. Dat laatste noemen ze het ‘witte-jasseneffect’.

Er is pas reden om serieus te kijken als je herhaaldelijk, op verschillende momenten en in rust, een systolische druk boven de 140 of een diastolische druk boven de 90 meet. Hoe hoger en hoe consistenter de waarden, hoe groter het risico op hart- en vaatproblemen op de lange termijn. Een bloeddruk van 170/100 die je drie ochtenden achter elkaar meet, vraagt om een gesprek met je huisarts.

Welke klachten horen bij een te hoge bloeddruk, en welke niet?

Hoge bloeddruk heeft bijna nooit duidelijke klachten. Dat is precies waarom het zo gevaarlijk is: je voelt je prima terwijl je vaten onder te veel druk staan. Hoofdpijn, hartkloppingen of rode wangen worden soms aan hoge bloeddruk toegeschreven, maar bij milde tot matige verhoging zijn dit doorgaans geen betrouwbare signalen.

Bij een ernstige bloeddrukstijging, boven de 180/120, kunnen wél klachten optreden: hevige hoofdpijn, wazig zien, kortademigheid of pijn op de borst. Dat zijn alarmsignalen waarvoor je onmiddellijk actie moet ondernemen.

Wanneer is een lage bloeddruk een probleem?

Een lage bloeddruk, onder de 90/60, wordt hypotensie genoemd. Voor sommige mensen is dat volkomen normaal en hebben ze er nooit last van. Voor anderen, en dat zie je vaker bij senioren, zorgt het voor duizeligheid, met name als je snel opstaat uit een stoel of bed. Dat heet orthostatische hypotensie en verhoogt het valrisico aanzienlijk.

Heb je regelmatig last van duizeligheid bij opstaan, zwarte vlekken voor je ogen of het gevoel dat je even wegvalt? Dan is dat de moeite waard om te bespreken met je huisarts, ook als je bloeddrukwaarden op papier niet dramatisch laag zijn.

Welke factoren laten je bloeddruk tijdelijk schommelen?

Bloeddruk is geen statisch getal. Hij verandert voortdurend, afhankelijk van wat je doet en hoe je je voelt. Dingen die je bloeddruk tijdelijk verhogen zonder dat er iets mis is:

  • Lichamelijke inspanning (je hart werkt harder, de druk stijgt, dat is normaal)
  • Stress of spanning, bijvoorbeeld voor een bezoek aan de tandarts
  • Koffie, zeker als je er niet gewend aan bent
  • Een volle blaas
  • Koude buitenlucht, het vaatvernauwende effect in de winter is reëel
  • Roken, al geldt hier: ook het structurele effect is schadelijk

Na rust dalen de waarden bij gezonde mensen snel weer naar de normale bloeddruk. Eén hoge meting na een drukke ochtend zegt dus weinig.

Wat doet leefstijl concreet met je bloeddrukwaarden?

Leefstijl heeft een meetbare invloed op je bloeddruk, meer dan veel mensen denken. Zout is de bekendste boosdoener: te veel zout laat het lichaam water vasthouden, wat de druk in de vaten verhoogt. Minder zout eten kan de systolische druk met gemiddeld 4 tot 8 mmHg verlagen, afhankelijk van hoe zoutgevoelig je bent.

Bewegen werkt ook concreet. Dertig minuten matig intensief bewegen per dag, denk aan stevig wandelen of fietsen, kan de bloeddruk merkbaar verlagen. Alcohol verhoogt de bloeddruk bij structureel gebruik, meer dan twee glazen per dag heeft al een duidelijk effect. Roken vernauwt de vaten en versnelt de aderverkalking. Stoppen met roken is één van de krachtigste ingrepen voor je hartgezondheid.

Overgewicht, met name rond de buik, gaat bijna altijd gepaard met een hogere bloeddruk. Zelfs een bescheiden gewichtsverlies van 5 kilogram kan al een positieve invloed hebben op de metingen.

Welke medicijnen of aandoeningen beïnvloeden je bloeddruk?

Sommige medicijnen verhogen de bloeddruk als bijwerking, zonder dat je het merkt. Bekende voorbeelden zijn ontstekingsremmers zoals ibuprofen of diclofenac, bepaalde neusdruppels met xylometazoline bij langdurig gebruik, en sommige antidepressiva. Ook vrij verkrijgbare middelen bij de drogist kunnen invloed hebben.

Andersom verlagen bloeddrukmedicijnen soms te sterk, zeker als er ook plaspillen bij worden gebruikt of als je door ziekte minder eet en drinkt. Een aandoening als slaapapneu, waarbij je ’s nachts herhaaldelijk stopt met ademen, is een onderschatte oorzaak van een hardnekkig hoge bloeddruk overdag. Eveneens relevant: een slecht werkende schildklier kan de bloeddruk beïnvloeden, in beide richtingen.

Gebruik je meerdere medicijnen tegelijk? Bespreek dan met je apotheker of huisarts welke combinaties de bloeddruk kunnen beïnvloeden. Dat is zeker de moeite waard als je bloeddruk ineens anders reageert dan je gewend was.

Bij welke situaties of getallen ga je naar de huisarts?

Een paar duidelijke situaties waarbij je niet hoeft te twijfelen:

  • Je meet thuis drie keer achter elkaar een systolische druk boven de 160, in rust en op verschillende dagen.
  • Je hebt een bloeddruk van 180/120 of hoger, zeker als er ook klachten bij zijn zoals hoofdpijn, wazig zien of pijn op de borst. Bel dan direct 112 of ga naar de spoedeisende hulp.
  • Je wordt regelmatig duizelig bij opstaan en bent bang om te vallen.
  • Je bloeddruk schommelt sterk zonder duidelijke reden, of wijkt plotseling flink af van wat je gewend bent.

Wij adviseren iedereen boven de 55 jaar om de bloeddruk minstens één keer per jaar te laten meten, ook als je je prima voelt. Thuis meten met een betrouwbaar apparaat, ’s ochtends voor het ontbijt en na vijf minuten rust, geeft een goed beeld van je gemiddelde waarden. Noteer de metingen een week lang en neem dat lijstje mee naar de huisarts. Dat is veel meer waard dan één meting op de praktijk.

Eén afwijkende meting zegt weinig. Bloeddruk schommelt door de dag heen en wordt beïnvloed door stress, inspanning en zelfs de houding waarin je zit. Pas bij herhaaldelijk verhoogde waarden, gemeten op verschillende momenten, is er reden om dat met je huisarts te bespreken. Voor senioren geldt daarbij dat de streefwaarden soms iets ruimer liggen dan voor jongere volwassenen, afhankelijk van je algehele gezondheid en eventueel medicijngebruik. Omdat hoge bloeddruk zelden klachten geeft, is regelmatig meten de enige manier om het in de gaten te houden. Een eenvoudig bloeddrukmeter voor thuis kan daarbij helpen, zeker als je weet hoe je de uitkomsten moet interpreteren.