Je hebt de verwarming aangezet, maar een uur later zit je nog steeds in een dikke trui en vraag je je af of het eigenlijk wel aan is. Of het omgekeerde: je loopt rond in een T-shirt terwijl de meter vrolijk doordraait. In november zie je dit patroon veel terugkomen, en zeker als je wat ouder bent merk je al gauw wanneer een kamer te koud of juist te warm aanvoelt. Wat je minder snel merkt, is dat je verwarming waarschijnlijk niet optimaal is ingesteld. In dit artikel gaan we kamer voor kamer door hoe je dat aanpakt, zodat je warm zit zonder onnodig te stoken.
Waarom november de kritieke maand is
In oktober draait de verwarming nog maar af en toe. Maar zodra de temperaturen buiten structureel onder de tien graden zakken, zoals in november vrijwel altijd gebeurt, blijft de cv-ketel de hele dag aanstaan. Dat is precies het moment waarop een verkeerde instelling echt geld gaat kosten. Veel mensen hebben de thermostaat nog op dezelfde stand als in april staan, of hebben hem na een koude nacht hoog gezet en er daarna niet meer naar omgekeken. Een kwartier de tijd nemen om dit nu goed in te stellen, kan je maandelijks al snel tien tot vijftien procent op je stookkosten schelen.
Welke temperatuur is veilig per ruimte?
Voor senioren gelden iets andere richtlijnen dan voor jongere mensen. Naarmate je ouder wordt, reageert je lichaam minder snel op temperatuurschommelingen. Je bloedvaten vernauwen minder snel bij kou, waardoor je lichaam het moeilijker heeft om warmte vast te houden. Tocht voelt bij een lagere windsnelheid al vervelend aan, en een onverwarmde badkamer kan bij iemand van zeventig jaar echt risico’s opleveren.
Als vuistregel houden wij bij Seniorenmagazine.nl de volgende temperaturen aan:
- Woonkamer: 20 tot 21 graden, zeker als je veel zit. Stilzitten laat je lichaam sneller afkoelen.
- Slaapkamer: 16 tot 18 graden. Koeler slapen is gezonder, maar ga niet onder de 16 graden als je ’s nachts opsta om naar het toilet. Voor het juiste comfort kun je ook je dekbedovertrekken voor slaapkamerthermostaat op elkaar afstemmen.
- Badkamer: 20 tot 22 graden, zeker ’s ochtends vroeg. Een koude badkamer is een van de meest onderschatte risicoplekken voor een val of hartbelasting.
- Hal en gang: 15 tot 17 graden is prima, zolang je er snel doorheen loopt. Laat de deur naar de woonkamer niet te lang openstaan.
De thermostaat instellen zonder slimme apparatuur
Een gewone klokthermostaat, het type met een draaiknop of een paar knopjes, is nog altijd in veel huizen de standaard. En dat is prima. Je hoeft echt geen app of wifi voor een goede instelling. De truc zit hem in het correct instellen van de dagstand en de nachtstand.
De dagstand is de temperatuur die je overdag aanhoudt als je thuis bent. Stel die in op 20 graden. De nachtstand, of de stand voor momenten dat je slaapt of de deur uit bent, mag je gerust terugbrengen naar 15 of 16 graden. Lager dan 15 graden is niet aan te raden, want dan koelt de woning zo sterk af dat de ketel er ’s ochtends veel langer over doet om alles weer op temperatuur te brengen, wat juist meer energie kost.
Werken met een tijdschema: drie momenten die passen bij jouw dagritme
Een tijdschema werkt het best als je het afstemt op hoe jij je dag indeelt. Als senior heb je vaak een regelmatiger ritme dan mensen die naar een kantoor reizen. Dat is in dit geval een groot voordeel. Drie momenten zijn het meest bepalend:
Moment 1: Opstaan (vaak tussen 7:00 en 8:00 uur). Stel de verwarming in zodat die een half uur voor je opstaat al aanspringt. Zo kom je niet in een koude woonkamer of badkamer terecht.
Moment 2: Rustige middag (12:00 tot 15:00 uur). Als je thuis bent en zit, kan de thermostaat op 19 graden staan in plaats van 21. Je merkt het nauwelijks, maar de ketel werkt minder hard.
Moment 3: Avond en nacht (vanaf 22:00 uur). Zet de thermostaat terug naar de nachtstand. Als je vroeg naar bed gaat, kun je dit moment ook naar 21:00 uur verschuiven.
Slimme thermostaat of tijdklok: wat past bij jou?
Een slimme thermostaat werkt via een app op je telefoon of tablet. Dat klinkt ingewikkeld, maar de modellen die tegenwoordig op de markt zijn, zijn een stuk eenvoudiger geworden. Toch is een app niet voor iedereen de fijnste manier. Als je liever iets aanraakt en direct een resultaat ziet, is een programmeerbare klokthermostaat een betere keuze. Die kun je eenmalig instellen en hij doet de rest vanzelf.
Wij zouden zeggen: kies voor een slimme thermostaat alleen als je al comfortabel bent met een tablet of smartphone, en als iemand in je omgeving je de eerste keer kan helpen met instellen. Anders is een goede klokthermostaat met een helder display gewoon de verstandigste keuze.
Ruimtes die je nauwelijks gebruikt
Een logeerkamer die wekenlang dicht is, hoeft niet op 20 graden te staan. Hier komen de radiatorknoppen, ook wel thermostaatventiel of TRV genoemd, van pas. Dat zijn de knopjes of draaiknoppen op de radiator zelf, los van de centrale thermostaat.
Zet het thermostaatventiel in weinig gebruikte ruimtes op stand 2, wat neerkomt op ongeveer 16 graden. Lager dan stand 1 of 2 is niet verstandig, ook niet in een lege kamer. Bij te lage temperaturen kan vocht gaan condenseren, wat schimmelvorming aanmoedigt. En in een strenge vorstperiode wil je niet dat leidingen in een onverwarmde kamer bevriezen.
Tocht en vochtigheid: de onzichtbare warmtedieven
Alleen de graden op je thermostaat bekijken is niet genoeg. Tocht bij een kier onder de deur of een slecht aansluitend raamkozijn kan ervoor zorgen dat je 20 graden voelt als 17. Plak tochtstrips langs de onderkant van buitendeuren, dat kost een paar euro en maakt direct verschil. Controleer ook of de gordijnen ’s avonds dichtgaan. Dikke gordijnen houden aanzienlijk meer warmte binnen dan dunne.
Vochtigheid speelt ook mee. Een te droge lucht, wat in de winter met de verwarming aan snel gebeurt, voelt ook kouder aan en droogt je luchtwegen uit. Een luchtvochtigheid van 40 tot 60 procent is ideaal. Een eenvoudig hygrometer (een vochtmeter, te koop bij de bouwmarkt voor vijf tot tien euro) laat je precies zien hoe het zit.
De meest gemaakte fout: thermostaat hoger zetten om sneller warm te worden
Veel mensen denken: als ik de thermostaat op 25 graden zet, wordt de kamer sneller warm. Dat klopt helaas niet. Een cv-ketel werkt met een vaste snelheid, ongeacht hoe hoog je de thermostaat instelt. Het enige wat je bereikt, is dat de verwarming doorloopt tot 25 graden, wat je dan warm te warm vindt, waarna je hem weer lager zet. Dat op en neer schakelen kost meer energie dan een stabiele instelling.
Wat wel werkt: stel de thermostaat in op de gewenste temperatuur en geef de kamer een half tot een uur de tijd. Heb je het koud in de tussentijd, trek dan even een vest aan in plaats van de thermostaat hoger te draaien.
Checklist: vijf dingen die je vandaag kunt doen
Zet de verwarming in november goed in vijf stappen:
Stap 1. Controleer de huidige stand van je thermostaat en pas de dag- en nachtstand aan op de temperaturen die je in dit artikel hebt gelezen.
Stap 2. Stel een tijdschema in op je klokthermostaat met de drie momenten: opstaan, middag en avond.
Stap 3. Loop langs alle radiatoren in weinig gebruikte kamers en draai de thermostaatventiel terug naar stand 2.
Stap 4. Controleer buitendeuren op tocht en plak tochtstrip aan als je een kier voelt. Doe de gordijnen in de avond dicht.
Stap 5. Leg een vest of een dun vest klaar bij je stoel in de woonkamer, zodat je niet meteen naar de thermostaat grijpt als je het even fris hebt.
Een halfuur de tijd nemen om je verwarming goed in te stellen, loont. De juiste temperatuur per kamer, een eenvoudig tijdschema en even aandacht voor tocht en radiatoren maken in november al een merkbaar verschil op je energierekening. Wij van Seniorenmagazine.nl zien dat kleine aanpassingen in de praktijk vaak meer opleveren dan mensen verwachten. Heb je een specifieke ruimte of situatie waar je niet uitkomt, kijk dan ook eens naar de andere woon- en gezondheidsartikelen op deze site.

